Kom en zie ; Dl. II : De pre-existentie van de Zoon belicht vanuit de existentie van Jezus, de Christus

Kater, Maarten Jacob (2011) Kom en zie ; Dl. II : De pre-existentie van de Zoon belicht vanuit de existentie van Jezus, de Christus. Doctoral thesis.

[img]
Preview
Text
2011 Kater, M.J. dissertatie.pdf - Published Version

Download (4MB) | Preview

Samenvatting (NL)

Deze dissertatie wil een systematisch-theologische bijdrage zijn aan de voort-durende christologische bezinning. Met de thematiek van de pre-existentie van de Zoon wordt aangeduid, dat het bestaan van Jezus niet beperkt kan worden tot een leven tussen wieg en graf. Deze studie onderzoekt welke elementen in de christelijke theologie bepalend zijn voor de plaats en betekenis van het spre-ken over de pre-existentie van de Zoon en wat de relevantie van dit aspect van het christologisch dogma is voor de theologie van de 21e eeuw. Een onderzoek naar de Griekse woordenschat die de vroege kerk ter beschikking stond, laat zien dat het begrip pre-existentie wel gebruikt wordt in tal van theologische geschriften, maar niet in het belijdend spreken van de kerk. In de belijdenis van Nicea-Constantinopel (381) wordt de omschrijving ‘vóór alle eeuwen’ gebruikt. Betoogd wordt dat dit een ontkenning is van de ‘Ariaanse slogan’: ‘er was eens (een tijd) dat Hij er niet was’. Van beslissende betekenis voor de interpretatie van de woorden ‘vóór alle eeuwen’ blijken in ieder geval te zijn de visie op de verhouding van Vader en Zoon en op de verhouding van Schepper en schepping. Aan de hand van een Bijbels-theologisch onderzoek wordt aangetoond dat een spreken over pre-existentie uitsluitend in termen van de traditie van de Wijsheid geen recht kan doen aan de reële, persoonlijke pre-existentie van de Zoon. De Zoon blijkt Zijn bestaan reeds te hebben vóór de schepping en Zijn incarnatie. Jezus wordt in het NT geplaatst in een veld van tradities (malak JHWH, kabod JHWH, tempel, Thora en wijsheid) waarbij Hij deze tradities ook te boven blijkt te gaan. Juist in dit ‘te boven gaan’ komt Zijn pre-existentie tot uitdrukking. In het bijzonder geldt dit voor de aanduiding van Jezus Christus als de Zoon van God. Daarbij is de samenhang en het onderscheid tussen Jezus’ messiaanse en ontologische zoonschap van wezenlijk belang. Daarom wordt in deze studie de pre-existentie van de Zoon belicht vanuit de existentie van Jezus, de Christus. Het gaat niet om abstracte bespiegelingen over een ‘tweede per-soon van het goddelijk Wezen’ en evenmin om een ‘niet meer dan menselijke’ Jezus. In het kader van een onderzoek naar de betekenis van het voorvoegsel ‘pre’ wordt een pleidooi gevoerd om filosofische concepten over de relatie tussen eeuwigheid en tijd theologisch ter verwerken in christologische en pneumatologische termen. Het ontologische onderscheid tussen eeuwigheid en tijd dient geïnterpreteerd te worden vanuit het onderscheid tussen ‘oude’ en ‘nieuwe’ tijd. In samenhang hiermee kan methodisch gezien het meest recht gedaan worden aan het spreken over de pre-existentie van de Zoon als gebruik gemaakt wordt van de complementaire benaderingen from within en from ahead. Dit geldt voor de betekenis van de pre-existentie van de Zoon in geheel van de geschiedenis van het heil, het leven van Jezus als de Zoon van God en de theologische bezinning daarop in het heden. In het slothoofdstuk volgen de belangrijkste punten die de relevantie van het belijden van de pre-existentie van de Zoon aantonen binnen de christologie en de theologie als geheel. Daarbij wordt o.a. aandacht gegeven aan de samenhang tussen de pre-existentie en de post-existentie van de Zoon als de Eschatos, de eenheid van OT en NT, typologie als een ‘reeds’ van het ‘nog niet’ en de relatie tussen de lofzang op ‘God is liefde’ en de pre-existentie van de ‘eigen’ Zoon van God. Wanneer de existentie van de Zoon pas in de wereld van de phenoumena realiteit geworden zou zijn, blijven we met een open vraag naar God zitten. De pre-existentie van de Zoon duidt aan dat we binnen de grenzen van ons bestaan God werkelijk kunnen leren kennen, zoals Hij is. De Zoon is immers de ‘afdruk van zijn Wezen’ (Hebr.1:3).

Item Type: Thesis (Doctoral thesis)
Titel: Kom en zie ; Dl. II : De pre-existentie van de Zoon belicht vanuit de existentie van Jezus, de Christus
ISBN: 978-90-75847-34-5
Number of Pages: 354
Theologische Universiteit: Theologische Universiteit Apeldoorn
Trefwoorden (NL): Systematische theologie; Jezus van Nazareth (4 v. Chr.- 29 n. Chr.); Preëxistentie; Zoon Gods; Christologie
Date Deposited: 24 Jun 2015 11:56
Last Modified: 01 Apr 2016 11:20
Persistente link: http://hdl.handle.net/11553/39

Actions (login required)

View Item View Item